Over nieuwe en gebruikte zakken

Jaren geleden hadden Daniel Petit van het WTCB en Karel Van Eetvelt (nu Unizo maar destijds Nacebo) het unieke idee opgevat om jaarlijks de bouwsector bij te scholen over nieuwe ontwikkelingen vnl. in de informatisering. Beide heren slaagden er in het begin van de jaren negentig niet alleen in om hun leden maar ook om een aantal IT personen tijdens een weekend in November te mobiliseren. Ze vonden altijd wel leuke kastelen zoals Corsendonk en Alden Biesen. Als Lotus algemeen directeur was ik gedurende 4 jaar een vaste spreker met het onderwerp ‘Evoluties in de IT- sector’. Alle architecten en bouwaannemers draaiden toen hun bedrijf op een Lotus spreadsheet met een aantal macros die deskundig door Daniel in elkaar waren gestoken. Daniel verdiende zelfs meer aan zijn macros dan Lotus aan het spreadsheet (als u begrijpt wat ik bedoel) maar dat doet er even niet toe.

Ik vond het steeds een hele eer om namens de IT-sector te kunnen spreken op dit klasse-event. De klus was echter niet eenvoudig; destijds waren alle presentaties gericht aan het IT publiek van de grote klanten en gegeven in het Engels. Powerpoint en Freelance slides werden immers ‘kant-en-klaar’ door de Amerikaanse hoofdkwartieren aangeleverd en Engels werd in Brussel altijd gebruikt als de Belgische ‘compromise language’. De avond –en nacht- voorafgaand aan het WTCB/Nacebo event besteedde ik doorgaans aan het ‘aanpassen’ van de Engelse-techno-enterprise presentatie aan een Nederlandstalige KMO doelgroep van IT-leken. En om 10 of 11 uur ’s ochtends bracht ik trots mijn verhaal aan alle architecten en bouwaannemers. In Alden Biesen kwam achteraf iemand mij vertellen dat ik goed Nederlands sprak voor een Amerikaan. De vraag of ik al lang in België woonde heb ik onbeantwoord gelaten want ik weet nog altijd niet of die Limburger het meende of met mij de spot aan het drijven was. Wraak op hem heb ik alvast genomen want Alden Biesen is nu de grootste hotspot van België.

Dit 15 jaar oude verhaal schoot vanavond door mijn hoofd in aula SR002 van de Universiteit Antwerpen. Samen met 2 andere ondernemers, bestuurder Karolien Thys van de NV Louis Blockx en personeelsdirecteur Patrick Demoor van de NV Deme, zaten we in het panel van een gespreksavond ‘Onderneming-Universiteit-Hogeschool’ onder het motto ‘Er is een mooie toekomst, maar zij is anders’. Deze sessies passen in het kader van het Jij bent Flanders’ future programma van de Vlaamse regering en worden als een roadshow in heel de regio gebracht door Jessie De Caluwé en Karel Uyttendaele, resp. de schone en het beest van dit grensverleggend reizend volkstheater. Karel heeft na jaren binnen HP, Agoria en als kabinetschef van Peter Vanvelthoven misschien wel zijn originele haarkleur verloren maar heeft niets van energie ingeboet. Je moet het maar doen, bijna 60 sessies achter elkaar; in de vooravond de wagen in, ter plaatse alles checken en ’s avonds laat terug naar huis. Idem dito voor Jessie die als een volleerde bedrijfsleider, academicus en politicus telkens de meest uiteenlopende vragen afschiet op panel/publiek en boeit maar niet vermoeit. Alleen al uit respect voor het werk van deze 2 mensen maak ik tijd vrij voor het panel.

Jessie vuurde zoals afgesproken de eerste vragen op mij af en toen de pittige Karolien aan de beurt kwam beloofde ze plechtig –in tegenstelling tot haar buurman- alle vragen in het Nederlands te beantwoorden en wat minder Engels te praten … Blijkbaar heb ik na 15 jaar mijn IT lesje nog niet geleerd, ik dacht zelfs dat ik tijdens mijn betoog geen Engelse termen of afkortingen gebruikt had … De toon voor de discussie was in elk geval gezet; het blijft immers een hele klus om onze studenten te overtuigen van de belangrijkheid van talen en aan te moedigen tot een verblijf in het buitenland. Toch hadden we met zijn allen achteraf de indruk dat de meerderheid ‘hier’ wil blijven werken en helemaal de ambitie niet heeft om wereldburger te worden. Tja, de voorbije jaren hebben we voor onze werkende bevolking een serieus sociaal vangnet gecreërd maar blijkbaar hebben we onze studerende jeugd teveel verwend en hen een slaapzak gegeven.

Jonge moeder Karolien was in elk geval goed wakker en trapte mij –en de IT-sector- een geweten dat we nog steeds geen gewone taal praten. Ze overtuigde mij ook van de dynamiek en de flexibiliteit van de KMO die ze samen met haar echtgenoot leidt. Ik heb nu ook ontdekt dat er naast de BVBA All Together in Schoten nog een succesvolle KMO bestaat zonder website nl. de NV Louis Blockx in Arendonk. Sommigen denken immers maar al te dikwijls dat ‘web presence’ verplicht is. Niets is minder waar. Zolang de juiste mensen weten wat uw bedrijf doet en uw bedrijf efficiënt kunnen bereiken is een website alleen maar een kost, geen meeropbrengst. Toch wil ik de nieuwsgierigen niet teleurstellen; de NV Louis Blockx handelt al 85 jaar in ‘Nieuwe en Gebruikte Zakken’. Alle softwarebedrijven handelen in ‘Nieuwe en Gebruikte Bits’ maar ik ben benieuwd hoeveel bedrijven het 85 jaar gaan volhouden. Misschien toch bij Karolien gaan werken ? Ze zoekt 4-taligen en ze weet dat ik als Amerikaan al een aardig mondje Nederlands praat. Bovendien noemen ze mij in het Antwerpse of thuis soms een (oude) zak. En tussen Schoten en Arendonk staan nooit files.

segers_bruno@hotmail.com – Schoten – 24/10 – 23.45

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s