Over kenniseconomie en informatiemaatschappij

Ooit las ik in een Gartner report “In the future e-business will become business and knowledge management will become management” om aan te geven dat er steeds nieuwe termen worden gelanceerd maar dat –ondanks de vele veranderingen- aardig wat elementen hetzelfde blijven. Zo komen er steeds nieuwe afkortingen bij terwijl niemand beseft dat de Methode GBV (Gezond Boeren Verstand) nooit zal verdwijnen. Recent hoorde ik dat de Forrester groep eraan denkt om de afkorting IT (informatietechnologie) te veranderen in BT (businesstechnologie) want IT is intussen aanwezig in alle aspecten van ons beroepsleven. Maar wie gebruikt er vandaag geen IT in zijn privé leven ? Ik lig er allemaal niet van wakker. We leven in een informatiemaatschappij en de daarmee samenhangende kenniseconomie. In dit soort economie zit de grondstof niet onder maar boven de grond en bestaat de uitdaging erin om met deze grondstof kennis te maken die we achteraf in eigen land en elders kunnen commercialiseren. Eergisteren sprak ik over schepen, vandaag over vlaggenschepen want ik hoop dat we van Real Software een voortrekker kunnen maken in deze kenniseconomie en informatiemaatschappij. Real’s stichter Rudi Hageman kende deze ‘money-making-loop’ door en door, zijn opvolger Theo Dilissen schreef er zelfs een boekje over, een andere oudgediende zoals Wim De Waele kleurt het model in via de publiek-private-samenwerking IBBT en wij gaan het gewoon doen. Mooie visies, mooie dromen die echter alleen maar waar kunnen worden als we elke maand, elk kwartaal kunnen aantonen dat we een economische realiteit zijn, met real numbers, real revenues en … real profits. “First things First”, zegt de methode GBV.

Over anciënniteit en verjaardagen

Medewerkers bepalen niet alleen de cultuur maar zijn ook het gezicht van de onderneming. “People are our most important asset”, is een keiharde realiteit die echter bij veel managers vervallen is tot een holle slagzin die niet meer uit het hart komt maar wel uit de managementboekjes. Onderwijzers kennen na een week de namen, voornamen en achtergrond van al de leerlingen in hun klasje van buiten, ik sta na bijna 2 weken nergens. Waarschijnlijk loop ik dit weekend op de Antwerpse Meir of elders Real medewerkers voorbij zonder het te beseffen. En zij weten natuurlijk wel dat ik hun COO ben en denken misschien “Amaai, die zegt zelfs geen goede dag”. Politici (of BVs) hebben het op dit punt eenvoudiger;  zij kunnen constant als een missiebus naar iedereen knikken en dan vinden de mensen hen nog sympathiek ook.

Bij Real zijn er honderden medewerkers en bovendien zit de meerderheid van hen bij de klant, ze komen dus zelden op kantoor. Er is wel een ‘smoelenboek’ maar als er een foto is dan is die niet noodzakelijk up-to-date. Een probleem dat we allemaal kennen van onze identiteitskaart of rijbewijs en dat voor hilarische toestanden zorgt tijdens bijeenkomsten met familie of vrienden. Toch weet ik dat mijn blog regelmatig gelezen wordt door onze medewerkers bij de klanten en daarom –bij deze- aan allemaal een oproep om zo snel mogelijk de meest recente foto op de Real Portal te plaatsen. In afwachting gebruik ik de gegevens op de Real Portal om medewerkers te feliciteren met hun verjaardag of anciënniteit. Het is weliswaar een beetje onpersoonlijk maar toch geeft het een eerste aanknopingspunt. Tot op heden altijd via een kort mailtje maar vandaag voor de eerste keer telefonisch. Een medewerker met 20 jaar dienst is immers niet niets, ik belde het nummer dat op zijn profiel stond en kwam terecht bij één van onze klanten in Nederland. Geen foto in het smoelenboek, dus misschien loop ik hem morgen voorbij op de Meir maar toch heb ik hem kunnen feliciteren uit de grond van mijn hart. En op dezelfde manier wens ik alle Real medewerkers ‘in-the-field’ een prettig weekend. Maar zorg tegen maandag voor een juiste foto !

Laat ons een schip bouwen

Van leerling naar student … Samen met 163 anderen studeerde jongste zoon Nils af aan het Sint-Michielscollege in Schoten. Tijdens de proclamatie vanavond stel je als ouderpaar nog maar eens vast hoe mooi al die kinderen intussen opgegroeid zijn en hoe verschillend al die andere leeftijdsgenoten verouderen. De ene wordt dikker of dunner, de andere wordt grijzer of kaler, nog een paar komen met een andere partner en tenslotte een paar enkelingen die helemaal niet veranderen. En van ouders die je al sinds lange tijd kent is het steeds mooi om zien hoe sterk de achttienjarige zoon of dochter gelijkt op de achttienjarige vader of moeder van toen. Jan Theys had kunnen scoren met zijn “De tijd van toen”. Zo liep ik Luc en Franky tegen het lijf. 30 jaar geleden studeerden we samen af op het Sint-Jan Berchmanscollege en stonden we op een soortgelijke proclamatie in Merksem. Luc werd zelfstandig kinesist en is actief betrokken bij voetbalclub Antwerp. Franky werd jurist en is één van de drijvende krachten binnen de lokale SP.a afdeling. Ze staan allebei in het rood nu en ik kon het weer niet laten te stellen dat ‘den SP.a’ sneller zal recuperen als ‘den Antwerp’.

De serieuze woorden kwamen echter van Eric Seghers, prior van de abdij van Averbode. Een jonge kerel die liever pater werd dan bankdirecteur, die elke week minstens een keer preekt en dus een ‘prooven-speech-track-record’ heeft. De wijze man begon met een citaat en dat vind ik altijd zwakjes. Citaten zijn er immers alleen maar om inspiratieloze mensen te inspireren. Einde citaat. Hij startte echter met een prachtig citaat van Antoine de Saint-Exupery. “Als je een schip wil bouwen, beveel de mensen dan niet om hout te verzamelen, verdeel het werk niet voor hen, geef geen orders. Nee, leer hen te verlangen naar de onmetelijke uitgestrektheid van de zee”. Laat ons dus creativiteit stimuleren en buiten vaste kaders durven denken. Ik ben benieuwd wat er met deze 164 jonge talenten gaat gebeuren en waar ze zullen zijn en wat ze zullen doen wanneer ze binnen 30 jaar samen met hun nageslacht op een soortgelijke proclamatie zullen staan. Ik hoop dat ze allemaal verder studeren, iets leuks studeren en regelmatig blijven bijstuderen en bijleren in deze snelveranderende kennismaatschappij. Maar hoeveel kinderen zouden door hun ouders al niet geduwd zijn in een bepaalde richting, op een bepaald schip, zonder dat ze op deze cruciale leeftijd even kunnen verlangen naar de uitgestrektheid van de zee ?

Real Alumni

Universiteiten hebben hun afgestudeerden, bedrijven hebben hun ex-medewerkers. Deze Alumni vormen interessante, beroemde en soms wel beruchte netwerken. De Vlerick Alumni dicht bij ons en de McKinsey Alumni op een wereldwijd niveau. Real Software bestaat meer dan 20 jaar, heeft een hele historiek achter de rug en Real Alumni is volgens mij het grootste netwerk dat een Vlaams ICT bedrijf ooit heeft voortgebracht. Het wordt tijd, maar het is nog geen prioriteit, om dat allemaal eens in kaart te brengen. Wie weet kunnen we die Real Alumni ooit betrekken in de doorstart en de groei van de onderneming. Real Baby Come Back !

Een prioriteit is het echter niet want er is nog werk om alle huidige werknemers te behouden en te overtuigen dat we klaar zijn om terug te gaan groeien, kwartaal per kwartaal. De financiële toestand is hoe langer hoe stabieler, toch zal het nog een tijdje duren vooraleer iedereen dat beseft. Dat kon ik deze avond met eigen ogen en oren vaststellen op het afscheidsfeestje van een gerespecteerde medewerker. Er waren meer Real Alumni dan Real medewerkers en één van de huidige verkopers stapte op me af met de directe vraag “Komde gij bij Real ook efkes a zakke vulle ?” Ik kon het de man niet kwalijk nemen maar ik stond even aan de grond genageld. Na enkele losse consultingopdrachten heb ik immers besloten me de komende jaren persoonlijk te engageren in de doorstart van dit bedrijf en mijn reputatie is me meer waard dan mijn portefeuille. En ik hoop dat alle verkopers mee gaan vechten in die doorstart en niet even bij Real hun zakken komen vullen in afwachting tot ze elders een “betere” job gevonden hebben. Want ook daar moet er gevochten worden, concurrentie is overal.

De keuze is dus eenvoudig; get Real or get Alumnus ! It’s leaving or believing … zei de believer

De donkere kamer en de fotografe

Blijkbaar zijn er nog veel mensen die Bruno’s BlogBoek NIET lezen. Nu de verkiezingen achter de rug zijn hebben de marktonderzoekers geen bezigheid meer en bieden ze hun ‘peilingdiensten’ aan tegen ongelooflijk lage prijzen. Tijd dus om in te stappen en me te verdiepen in het profiel van mijn lezers. Een uitgebreide studie kwam tot een eenvoudige conclusie; er zijn nog steeds mensen die Bruno’s BlogBoek niet ontdekt hebben. Er is dus nog veel groei mogelijk. Waarvan akte.

Deze ochtend werd ik inderdaad met de realiteit geconfronteerd. Schaterlachende optimistische goedgezinde freelance fotografes die werken voor dagbladen behoren niet tot mijn lezerskring. Ze werkte in opdracht van De Tijd, dus had ze haar tijd genomen voor een fotosessie. Met een moeilijke opdracht van de twee journalisten die me een week geleden interviewden voor de weekend editie van volgende week; maak een foto van die pipo en zorg ervoor dat het een hi-tech look heeft. Over deze onmogelijke opdracht had ze 2 dagen haar hoofd gebroken.

Mijn blog had ze duidelijk niet gelezen toen ze zich deze ochtend meldde aan de receptie. Verleden week stelde ik immers dat het Real Software gebouw met de rode en grijze kleuren een echt mausoleum is maar toch wou ze mijn kantoor zien voor een persoonlijke foto. Ondanks verwoede pogingen van mijnentwege om de fotosessie buiten te laten plaatsvinden bleef ze aandringen op een aantal shoots binnenin. Ik heb alle truuks uitgehaald en haar alle plaatsen van het gebouw laten zien en mijn kantoor buitenspel gezet. Toch bleef ze aandringen om mijn kantoor te zien, en uiteindelijk heb ik gepast omwille van haar positieve energie en eeuwig optimisme.

“Tja, dit doet me denken aan mijn donkere kamer”, was niet alleen de bevestiging van mijn mening maar ook de bevestiging dat mijn blog te weinig gelezen wordt door kenners … Great minds think alike …

Morgen Maandag … Stapt Piet in de politiek ?

Vorige week beloofde ik een wekelijkse terugblik op zondag. Hier gaan we, onder de hoofding Morgen Maandag.

Johan Vande Lanotte meent het dus. De man trekt zich (tijdelijk) terug uit de politiek en het publieke leven. Pech voor mijn groot voorbeeld Koen Meulenaere die nu voor zijn veelgelezen stukjes in Knack op zoek moet naar een andere hoofdrolspeler. “Den Baard” vormde immers, samen met Mireille van de Karel, het koppel dat zorgde voor de paarse rode draad op de laatste pagina’s van het weekblad. Iedereen zal zich de troonsafstand van den baard herinneren, gezeten als een koning tussen het beste wat de Teletubbies vandaag te bieden hebben; La Freya en La Gennez. Wat Johan gaat doen blijft nog een raadsel maar hopelijk zorgt Koen Knack snel voor enige duidelijkheid. Voorlopig is er in Oostende voldoende werk; een ferry heeft immers het staketsel uit elkaar gereten en de lijnen van het basketbalveld hebben een nieuwe koers nodig. Of wordt Johan de nieuwe uitbater van het Oostendse Casino ? De SP.a heeft weliswaar gegokt en verloren maar iedereen weet dat er na regen zonneschijn komt.

Midden in de week bereikte ons het bericht dat niet alleen het land een depressie heeft maar ook eerste burger Herman De Croo. Niet moeilijk, wie De Croo beter kent weet dat deze man een gedrevenheid en energie heeft waartegen zelfs elk Duracel konijn zou verbleken. In Brussel, Brakel of elders in België verzorgt deze man immers de beste redevoeringen en het beste dienstbetoon, en in perfect Nederlands of Frans. Toch kon ook deze man zijn batterijen niet opladen aan de verkiezingsuitslag, met alle gevolgen van dien. We rekenen echter op een snelle terugkeer want anders gaat die andere perfect tweetalige liberaal, Louis Michel, nog met de zo begeerde voorzittersstoel lopen.

Wie al wel in de stoel zit maar het nog niet wil vertellen is Kris Peeters. Deze man wordt immers Vlaams minister-president zodra zijn voorganger Yves Leterme op donderdag zijn eed heeft afgelegd in de federale kamer. De man is dan weliswaar nog geen premier maar in dit land kan je niet overal tegelijkertijd de baas zijn. Het hoeft niemand te verbazen dat minister Peeters zijn volgende positie ontkent op alle manieren. Deze man begon zijn carrière bij het CMBV, het christelijk verbond van middenstanders, de voorganger van Unizo. En van middenstanders weten we dat ze kampioen zijn om ’s nachts hun prijzen (of mening) te herzien …

Vrijdag werd de week echter afgesloten met een bom die nog niet is uitgelekt. Trends hoofdredacteur Piet Depuydt heeft ontslag gegeven. Piet is de antipode van Koen. Koen verzorgt al jaren de satire en onwaarheden op de laatste pagina van Knack terwijl Piet zorgt voor het serieuze en de waarheden op de eerste pagina van Trends. Piet is een intelligente man met een briljante geest en een scherpe pen. Laat die man eens een regeringsverklaring schrijven dan staat er tenminste iets zinnigs in. Hopelijk komen we deze week te weten waarom deze ‘rots in de branding’ zijn post verlaat maar volgens mij is er keuze uit volgende scenario’s

1)     Piet gaat in de politiek en neemt de positie van Johan Vande Lanotte in want hij heeft zich laten overtuigen door Freya en Caroline

2)     Piet neemt samen met Herman De Croo een sabbatical

3)     Piet wordt minister-president van de Vlaamse regering met als eerste en enige actiepunt de overname van VRT door de troepen van Mijnheer Rik uit Roeselare

4)     Piet gaat voor jobrotatie met Koen Meulenaere. Koen wordt Trends hoofdredacteur en Piet verzorgt nu de laatste pagina van Knack. ‘Den Baard’ wordt geschrapt uit het scenario en definitief vervangen door het nieuwe karakter ‘Mijnheer Rik’

Ik ben benieuwd. Ook benieuwd wanneer Trends het ontslag van pientere Piet gaat aankondigen. Bruno’s BlogBoek werkt snel en met betrouwbare bronnen. Onze lezers zijn dus sneller geinformeerd dan anderen.

Onze Nomadisk boerderij (serverfarm oeps) is verhuisd

IBM was –en is nog steeds- dé leverancier bij uitstek van mainframes, de grote computers die destijds door ‘the happy few’ klanten aangeschaft werden en die vandaag bij ‘the (un)happy few’ klanten nog steeds in gebruik zijn. Achteraf kwamen de minisystemen en vandaag praten we over de ‘servers’. Marktanalisten schuiven doorgaans HP, IBM en Dell naar voren als de grootste serverproducenten maar er is iets nieuws aan de gang. Terwijl HP, IBM en Dell servers produceren voor verkoop aan derden produceert Google servers om de eigen gigantische serverbehoefte in te vullen. Binnenkort prijkt Google bovenaan de lijst van serverleveranciers terwijl deze systemen niet door externe klanten maar door Google zelf worden afgenomen. En zo zorgt ‘software als een service’ ervoor dat de eindgebruiker geen dure servers meer nodig heeft. Die verwerkings- en opslagcapaciteit vindt men wel ergens op het wereldwijde web.

De eerste klanten van Nomadisk weten al te goed wat ik bedoel. Zij wisselen via de eenvoudige Nomadisk software immers gegevens uit zonder enige serverinfrastructuur. Geen dure aanschaf en geen complexe en tijdrovende administratie. Zij werken in groep maar ieder vanop de eigen goedkope  PC. Hun gemeenschappelijke gegevens staan ‘ergens’ op het wereldwijde web en Nomadisk zorgt ervoor dat ze er steeds toegang toe hebben. Vannacht hebben we zelfs de Nomadisk serverfarm (een ……boerderij maar hoe vertaal je zoiets in correct Nederlands ?) verplaatst van een eerste naar een tweede datacenter. Niemand merkte iets van deze Nomadisk datacenter dance zoals boer-en-verhuizer-van-dienst Stijn het in zijn blog noemde. De cruciale gegevens van al onze klanten zijn dus verhuisd van een eerste locatie naar een tweede locatie en niemand heeft het gemerkt. Iedereen bleef operationeel en niemand werd op kosten gejaagd.

En zo moet de toekomst worden voor de ICT-sector. Simpele, gebruiksvriendelijke en goedkope toepassingen die altijd (blijven) werken. Ik moest eraan denken toen ik deze ochtend in Vacature (p. 27 en 28) een interview las met Peter Hinssen die stelde dat de meeste IT’ers zelf niet meer wijs geraken uit hun termen omdat onverstaanbaarheid ingebakken zit in de it-cultuur. Al jaren maken we het niet alleen duur maar ook complex en onverstaanbaar voor onze klanten. “Had IBM tien jaar geleden sushi moeten verkopen, dan zouden ze het gehad hebben over rauwe dooie vis om te kauwen”, is een uitspraak die het prachtig samenvat. Ik hoop dus dat Nomadisk sushi wordt en geen rauwe dooie vis om te kauwen. De website ziet er alvast simpel uit en de software is simpel om te installeren, simpel om te gebruiken en simpel om te testen. Just do it now, je hebt geen dure server nodig maar je kan toch samenwerken met collega’s, vrienden en familie. Wat heeft elk individu nodig ? Een PC, een internetconnectie en … Nomadisk natuurlijk.

Naast bier en chocolade hebben we nu ook eindelijk goed smakende software van eigen bodem. Men teste het en men zegge het voort. Weg met die dure servers. En voor de taalpuriteinen onder ons … zodra er een correcte vertaling voor het Engelse woord server bestaat brengen wij ook een Nederlandstalige versie van onze software uit !