Een modern sprookje over de vrijemarkteconomie. Met dank aan Pieter Casneuf.

Er was eens een kip die op het erf van de boerderij rondscharrelde tot ze enkele korrels tarwe vond. Ze riep haar buren erbij en zei: “Als we dit graan zaaien, hebben we later brood om te eten. Wie wil me helpen zaaien?”
“Ik niet,” zie de koe.
“Ik niet,” zei de eend.
“Ik niet,” zei het varken.
“Ik niet,” zei de gans.

“Dan zal ik het alleen doen,” zei de kip.En ze voegde de daad bij het woord. Het koren groeide hoog en rijpte tot gouden graankorrels.
“Wie wil me helpen oogsten?” vroeg de kip.
“Ik niet,” zei de eend.
“Dat behoort niet tot mijn bevoegdheden,” zei het varken.
“Ik zou mijn anciënniteit verliezen,” zei de koe.
“Ik zou mijn werkloosheidsvergoeding verliezen,” zei de gans.

“Dan zal ik het alleen doen,” zei de kip. En ze voegde de daad bij het woord. Er was ruim voldoende tarwe om brood te bakken.

“Wie wil me helpen bakken?” vroeg de kip.
“Dan zou ik overuren moeten doen,” zei de koe.
“Ik ben met brugpensioen,” zei de eend.
“Ik heb daarvoor geen opleiding gekregen,” zei het varken.
“Als ik als enige moet helpen, is dat discriminatie,” zei de gans.

“Dan zal ik het alleen doen,” zei de kip. Ze bakte vijf broden en toonde ze trots aan haar buren. Die wilden allemaal een brood.

Meer zelfs: ze eisten hun deel op. Maar de kip zei dat ze de vijf zelfgebakken broden zelf wou opeten.

“Buitensporige winsten,” loeide de koe.
“Kapitalistische uitzuiger,” kwaakte de eend.
“Ik eis gelijke rechten,” snaterde de gans.
“Dat is niet solidair,” knorde het varken.

Met z’n vieren maakten ze spandoeken met de tekst “ONEERLIJK”, ze betoogden, ze omsingelden de kip en ze scholden haar uit.

De bijgeroepen bevoegde ambtenaar zei tegen de kip dat ze niet zo gulzig mocht zijn.

“Maar ik heb het graan alleen gezaaid, de tarwe alleen geoogst en het brood alleen gebakken,” zei de kip.
“Precies,” zei de ambtenaar. “Dat is de wonderlijke vrijemarkteconomie. Iedereen op het erf mag zo veel verdienen als hij wil. Maar volgens onze moderne wetten moeten productieve mensen hun winst delen met de niet-productieve.”

En ze leefden nog lang en gelukkig. Ook de kip glimlachte en ze kakelde “Ik ben dankbaar, ik ben dankbaar.”

Maar haar buren vroegen zich af waarom de kip nooit meer brood bakte.

30 dagen na het vertrek van de CEO van een beursgenoteerde onderneming kan ik niet blijven zwijgen

Blijkbaar heb ik iets met gemeenteraadsverkiezingen. Of heb ik een cyclus van 6 jaar?

In september 2006 werd de belgische deur dichtgetrokken bij Microsoft en kwam ik met mijn blog terecht in woelige Antwerpse toestanden. Lees maar even na op www.brunosegers.com, maand oktober 2006. Toen werd SP.A plots marketing en kregen kandidaat burgemeesters presidentiële allures. Alleen Obama deed enkele jaren later beter.

In oktober 2012 trok ikzelf de deur dicht bij RealDolmen en kwam ik zonder blog maar met dank aan de pers weer terecht in woelige Antwerpse toestanden. En heb ik nergens geen politieke vrienden meer omdat ik vond dat dit land een praatbarak geworden is waar niets meer beslist wordt en waar ondernemen plots een politiek statement geworden is.

Maar daar gaat het even niet over.

Want het wordt tijd om te spreken. Wanneer mensen starten in nieuwe verantwoordelijkheden klinkt het dikwijls “wacht tot binnen 100 dagen” omdat men zich –terecht- eerst wil verdiepen in de materie. Intussen heb ik geleerd bij een vertrek te zwijgen en dat gedurende minstens 30 dagen. Want de eerste versie van de afscheidsbrief komt uit het hart terwijl de finale versie eigenlijk uit het hoofd moet komen. Met heel veel intellect en veel minder emotie. Zover zijn we nu.

“Wat liep er mis bij RealDolmen?” Niets, alleen wat moeilijk deugdelijk bestuur met als gevolg weinig beslissingen. En daar ben ik als CEO –en niemand anders- verantwoordelijk voor. Maar dat rapport wordt gepubliceerd op 30 november. Beide zonen zullen gniffelen en heel waarschijnlijk mijn zondagsgeld intrekken.

“Wat ga je nu doen?” Daar geef ik hetzelfde antwoord op als destijds bij mijn Microsoft vertrek. Ik kan alleen zeggen wat ik NIET ga doen. Destijds stelde ik immers dat ik primo geen filiaal van een multinational meer wou leiden en secundo niet meer op een loonlijst wou staan. Ook deze 2 basisprincipes ga ik deze keer niet verloochenen. Maar er komen er wel 3 andere bij.

Ik ga geen beursgenoteerde onderneming meer leiden. Men zal het mij niet in dank afnemen maar de beurs  en de banken zijn –even- achterhaald. De beurs kan een motor zijn voor groei maar (nog) niet voor duurzame groei. Vele bedrijfsleiders nemen een sabbatical tijdens hun midlife crisis. Ik zou de beurs –en alle banken-  vragen hetzelfde te doen. Beste financiers, sluit uwe winkel voor een paar maanden en laat ons eindelijk duurzame plannen maken. Want jullie zorgen vandaag voor geen enkele toegevoegde waarde. Erger, wij moeten vandaag helpen de put te delgen die jullie gemaakt hebben.

Ik wens ten tweede geen bedrijf meer te leiden waar de syndicaten te sterk aanwezig zijn. Vakbonden houden immers de noodzakelijke veranderingen tegen omdat zij leven in het verleden en nog steeds niet doorhebben dat er een nieuw model moet opgebouwd worden waar zowel werkgevers als werknemers inleveren. Beste vakbonden, herstel eerst het evenwicht tussen jong en oud en tussen oud en nieuw denken in uw eigen organisaties vooraleer jullie in het sociaal overleg stappen. Jullie zijn het contact met de jonge generatie volledig verloren.

Ten derde –en wees gerust- ik ga niet in de politiek. Ik weet dat het woord nooit te pas en te onpas gebruikt wordt maar dat kan ik mijn kinderen niet aandoen. Nooit in de politiek. Omdat je in een democratie die meer en meer gemediatiseerd wordt niet dapper –lees onpopulair- meer kan zijn.  Je moet voor draagvlak en consensus gaan vooraleer je daadwerkelijk iets kan doen. Het is alsof je eerst een marathon moet lopen om uiteindelijk in de laatste rechte lijn door een sprinter ingehaald te worden.

“Wat ga ik wel doen?” Wel, ik ga meer dan ooit blijven ondernemen. Omdat ik geloof dat werk voor welvaart zorgt en dat alleen dan ons solidariteitsprincipe van herverdeling kan blijven gelden. Daar ga ik voor, daar sta ik voor. Eerst werken, dan herverdelen. En dat op een duurzame manier.

En ik ga wat meer schrijven;  via de pers of via mijn blog. En een luis in de pels blijven van multinationals, financiers, vakbonden en politici. Omdat zij eerst aan zichzelf denken en dan pas aan de anderen. En zo kom je nooit tot de verandering die zo broodnodig is om tot een duurzaam herstel te komen.

Oh ja. Doe mij één plezier. Deel dit verhaal via Facebook of stuur door via Twitter. Ondernemers hebben jullie ondersteuning nodig. En anderen –zoals multinationals, financiers, vakbonden en politici- verdienen een schop onder hun kont.

Uit respect voor de doden heb ik de kranslegging op het graf van de Onbekende Ondernemer geannuleerd maar we zijn zeer ver van een wapenstilstand. Of hebben we plots wel een begroting? Als laatste van Europa ….

Tot morgen.

Bruno, le Belge au Boulot

Van “mijn thuis is waar mijn Stella staat” naar “ons land is waar de klaagmuur staat”

Klokkenluider is een ondankbare stiel in dit land. Dingen aan de kaak stellen is geen probleem maar achteraf ben je gegarandeerd je job kwijt. Of moet je gaan procederen om aan te tonen dat je daadwerkelijk iets te vertellen had. Iets minder dan een maand geleden kwam er door een samenloop van omstandigheden wat tijd vrij in mijn agenda en kon ik bovenstaande realiteit probleemloos naast me neerleggen. Ik blijf immers geloven dat er eindelijk werk moet gemaakt worden van de verandering van ons maatschappelijk model en vooral overgegaan tot de actie. Geen blabla, wel boemboem.

Een aantal bezorgde Antwerpenaars contacteerden me om hun woordvoerder te zijn in een “Nu Anders” advertentiecampagne in de aanloop naar de verkiezingen. Iedereen in alle staten met als klap op de vuurpijl een opiniestuk van Renaat Landuyt maandag in deze krant. Met een wetsvoorstel om anonieme verkiezingsadvertenties aan banden te leggen en Amerikaanse toestanden te vermijden. Ik ben a-politiek, heb de campagne nog eens nagelezen maar kan geen enkel stemadvies voor één of andere politieke partij ontdekken. Maar blijkbaar wordt het woord “verandering” nu geassocieerd met een bepaalde politieke partij en werd “Nu Anders” als een verkiezingsadvertentie ervaren. Tja, jaren geleden was er een partij die zich het woord “gratis” eigen had gemaakt. Als alle advertenties met het woord gratis in die tijd zouden ervaren worden als verkiezingsadvertenties …. Dateert het bovendien niet van de teletubbies periode dat politiek plots marketing werd en dat we –toen al- beland zijn in Amerikaanse toestanden? Doe me dus een plezier meneer Landuyt en zorg voor wetsvoorstellen die iets stimuleren ipv. wetsvoorstellen die iets verbieden. Dat zou pas vereenvoudiging en innovatie zijn.

Een week geleden schrijf ik –nav de sluiting van Ford Genk- een opiniestukje in De Tijd dat we dringend werk moeten maken van de verandering want zo ken het niet verder. Straks zijn we alle bedrijven kwijt, niet alleen de industrie . Dit land is een grote praatbarak geworden waar geen besluit meer wordt genomen, laat staan een actie in gang gezet.  En hops, woensdag ll. weer een opiniestuk over me heen. Deze keer van mijn goede vriend en ex-reclamemaker Guillaume Van der Stighelen. Guilllaume  die bleef zoeken naar concrete voorstellen en het waarom van de verandering. In deze week van de boekenbeurs is Guillaume het levende bewijs dat er in dit land meer boeken en artikels geschreven dan gelezen worden. Want wat er moet gebeuren is al uitvoerig toegelicht. Lees maar “De Welvaartsval” van Caroline Ven, het Unizo pamflet of –een week geleden- het 10 puntenplan van De Tijd om de industrie te redden in deze regio. Er is duidelijk al voldoende gezegd en geschreven over wat er moet gebeuren maar men komt niet tot de besluitvorming, tot de uitvoering, Want besluiten en uitvoeren vraagt moed, en daaraan ontbreekt het in dit land.

Maar Guillaume heeft een punt. Want volgens hem begrijpen de mensen zelfs het waarom niet. Daarom deze eenvoudige redenering toch nog even herhalen. Elke economische entiteit (een gezin, een bedrijf, een vereniging, een regio, een land) die meer uitgeeft dan het binnenkrijgt leeft boven zijn stand. Zelfs marketeers begrijpen dat je zoiets niet jarenlang ongestraft kan volhouden. En als daarbij de kloof tussen arm en rijk systematisch groter wordt dan is het dringend tijd dat we anders gaan denken, leven en werken. Dit land staat bovenaan de international rankings van “cost of doing business” en “quality of life”. En iedereen blijft maar lullen en argumenteren maar tot besluiten en acties komt men niet. “Mijn thuis is waar mijn Stella staat” is de slogan van Guillaume die we allemaal kennen. “Ons land is waar de klaagmuur staat” dreigt de nieuwe oneliner te worden.

Dringend tijd dus dat we de handen uit de mouwen steken en echt aan het werk gaan. Geen denktanken meer, geen G1000, geen praatbarakken maar maximum één Poupehan weekend waaruit actieplannen komen die daadwerkelijk uitgevoerd worden. Het moet anders, het heeft lang genoeg geduurd. Een week geleden riep ik op tot het leggen van een krans op het graf van de Onbekende Ondernemer, op 11 november om 11 uur aan het VBO. Maar ik werd al beticht van gebrek aan respect voor de doden. Dus dat event gaat zeker niet door. Verzetten naar 15 november, dag van de dynastie, om 15 uur voor het koninklijk palies is ook geen optie want dan zou de monarchie zich geviseerd kunnen voelen en dat kan ook niet de bedoeling zijn. Al moet ik wel zeggen dat het van augustus 1993 dateert dat er nog eens snel en eensgezind een besluit werd genomen en uitgevoerd in dit land. Tja, besluiten nemen waarbij slechts één persoon benadeeld wordt zijn immers de makkelijkste in democratische landen.

(Deze bijdrage verscheen op 3 november 2012 onder de titel “Dit land is een praatbarak” in De Standaard)