Mijn volgende Google search “Grove overtredingen in grote markten vragen torenhoge boetes”

De strijd van de EU tegen machtsmisbruik begint op een hoofdstuk uit de roman van Cervantes te lijken.

Heeft Intel zich misdragen? Ja. Heeft Microsoft zich misdragen? Ja. Heeft Google zich misdragen? Ja. Dat weten we dus sinds gisteren. Misdraagt Facebook zich? Natuurlijk, dat weet iedereen maar die zaak is bij de EU nog in behandeling.

Het carrousel heeft gisteren weer een rondje gedraaid in Brussel. Honderden juristen en lobbyisten hebben zichzelf verrijkt en de wereld nog wat meer ontbost met al hun documenten. Betaald door de Amerikaanse opdrachtgever of door de Europese belastingsbetaler. Belastingsgeld van u en mij maar is er vandaag iets veranderd of gaat er morgen iets veranderen? Ik betwijfel het. En moet er iets veranderen? Ik weet het niet.

Een meerderheid van consumenten ligt immers niet wakker van de problematiek en daarnaast zijn velen –bewust of onbewust- blij met het gebruiksgemak dat Microsoft, Google en Facebook ons bieden. Facebook maakt zelfs niet alleen misbruik van haar machtspositie maar overtreedt daarnaast dagelijks de privacy-wetgeving. Privacy is een basisrecht maar de consumenten hebben geen problemen met de moderne vorm van digitale mensenhandel waaraan Facebook zich in de 21st eeuw schuldig maakt.

De vraag is niet meer of Intel, Microsoft, Google en Facebook zich beschuldigen aan oneerlijke concurrentie of privacy wetten overtreden maar of en hoe dit gedrag dient aangeklaagd en bestraft te worden.

Foutief rijgedrag kan onmiddellijk en objectief vastgesteld worden. De strafmaat volgt enkele weken later en indien nodig wordt het rijbewijs onmiddellijk ingehouden. Al Gore sprak ooit over “The Information Highway” maar op die digitale wereldwijde autostrades gelden duidelijk andere regels en wetten. Nog steeds zijn we op zoek naar het juiste wettelijk kader dat daarnaast onmiddellijk toepasbaar en afdwingbaar is.

Bij Google lachen ze nu in hun vuistje. Na alle vertragingsmaneuvers van de voorbije jaren is er een eerste uitspraak. Dringend tijd dus om met de juristen een beroep te overwegen en weer een rondje door te draaien op het carrousel. Of samen met de lobbyisten zoveel mogelijk bezoeken te gaan afleggen en de boete zo laag mogelijk te houden. Want één ding staat vast; een boete komt er. We weten alleen niet hoeveel en we weten niet wanneer.

Google zal zich op dat moment in een officiëel communique opstellen als een goede burger en zich neerleggen bij de strafmaat van de EU. Maar op het Google hoofdkwartier zullen er zeker enkele personen victorie kraaien en meerdere flessen van de duurste champagne kraken. “It’s only a rounding error on our numbers” zal het klinken, onafhankelijk van de EUR/USD wisselkoers. Want daar gaat het immers over, de impact op de bottomline. De EU cases rond machtsmisbruik hebben een gemiddelde doorlooptijd van 10 jaar en 10 jaar is een eeuwigheid op de information highway. Daarom moet de strafmaat aangepast zijn aan deze omstandigheden. Grove overtredingen in grote markten vragen torenhoge boetes. Innovatie mag geen excuus zijn voor manipulatie.

Google heeft vandaag 60 miljard dollar cash op de balans staan en heeft dit bedrag opgebouwd door zich jaren als monopolist te misdragen. Ofwel is de strafmaat evenredig ofwel moet men zich dringend gaan bezinnen hoe monopolisten die niet alleen concurrentie- en privacywetten aan hun laars lappen maar daarnaast ook zo weinig mogelijk belasting betalen in Europa dienen aangepakt te worden. Anders worden het in Brussel allemaal Don Quichots, idealistische maar dwaze helden die zich met goede bedoelingen maar onpraktische daden min of meer belachelijk maken.

PS1 de eerste boete die Microsoft betaalde aan EU was van dezelfde orde van grootte als het jaarlijks zakencijfer dat Microsoft in België realiseerde. Minder dan 1% van de wereldwijde omzet.

PS2 dankzij Google kon ik een aantal feiten in bovenstaand opiniestuk snel opzoeken maar Google weet nu weer wat meer van mij.

(Deze bijdrage verscheen in lichtjes gewijzigde versie op 16 april in De Morgen onder de titel “Het rijbewijs intrekken op de digitale snelweg”)