De kogel is door de kerk van Oosterweel maar schutter blijft discreet op achtergrond

14684822603_f97af247f8_m

De kogel is door de kerk van Oosterweel”, “een historische beslissing”, “de spade gaat in de grond”, “de verandering werkt”. Twitter heeft weer aardig wat oneliners gegenereerd rond het bereikte Oosterweel akkoord. Het is alsof iedereen het plots roerend eens is en dat ons land de kampioen geworden is in snelle besluitvorming. Een week geleden krakers in een Gents pand? Een week later bereiken de meerderheidspartijen een akkoord over de strafbaarheid van kraken!

Hoe is het dan toch mogelijk dat de besluitvorming rond een dossier zoals Oosterweel twintig jaar op zich liet wachten? Wel, dit land hangt al jaren aan elkaar via historische compromissen met daar bovenop een communautaire wafelijzer problematiek omwille van onze regionale structuur. Daarnaast is Vlaanderen een sterk verzuild en versnipperd gewest waar steeds iedereen te vriend dient gehouden te worden. De recente problematiek rond intercommunales was maar het tipje van de ijsberg. En -last but not least- is Vlaanderen meer en meer één stadsgewest geworden waar de grondstof tussen 1,5 en 2,0 meter boven de grond zit. Een kenniseconomie waar iedereen over alles een (on)juiste mening heeft en waar media gretig op inspelen. Media, de vierde macht, leeft in Vlaanderen van het conflict en niet van de consensus. Actiegroepen tieren niet alleen welig maar vooral terecht op een mesthoop van top down politieke compromissen die onvoldoende zijn afgetoetst met de basis.

Toch ben ik trots met deze doorbraak en het bewijs dat de basis –met of zonder actiegroepen- via de (sociale) media kan wegen op de politieke besluitvorming. Van mij mag iedereen rond de tafel gerust een overwinnaar genoemd worden. En ze mogen allemaal via diezelfde media hun achterban onmiddellijk van hun versie van hun gelijk op de hoogte brengen. Het doet me een beetje denken aan een college van kardinalen die onder de witte rookpluim eensgezind een “Habemus Papam” uitroepen. Hopelijk blijven ze even eensgezind als we over uitvoering, timing, geld, aanbestedingen en opvolging gaan praten. Benieuwd hoeveel verzuilde intercommunales zich daar achter de schermen weer mee gaan moeien.

view

Maar de grote winnaar is en blijft intendant Alexander D’Hooghe die er als een meester diplomaat in alle discretie in geslaagd is alle belanghebbenden samen te brengen -en te houden- rond een gemeenschappelijke visie die het individuele belang overstijgt (op bovenstaande foto staat de man haast symbolisch onzichtbaar op de achtergrond van zijn opdrachtgever minister Weyts). In het voorjaar van 2015 schreef de Vlaamse Regering een onderhandelingsprocedure uit rond de “Intendant voor leefbaarheidsprojecten in de stedelijke zones rond de R1 – Ring van Antwerpen”. Alexander en zijn team waren de juiste keuze; experten in de materie en geen enkele historische of politieke betrokkenheid. Een Mister Proper zonder voorgaande die vanaf een wit blad een gedragen visie kon opzetten via “open discussies achter gesloten deuren”. Mensen kwamen plotseling om te luisteren in plaats van om gehoord te worden.

Komt er na 20 jaar geen besluit, nodig dan Alexander D’Hooghe uit” prijkt binnenkort op de business kaart van deze kampioenenmaker. Wim De Decker kreeg Antwerp in eerste, Alexander D’Hooghe kreeg Oosterweel in eerste versnelling. Twee gewone mensen met kennis van zake die als outsider begonnen en dus geen enkel vooroordeel hadden. Kerels die naar mensen kunnen luisteren en mensen kunnen laten samenwerken. Een standbeeld voor Wim op de Bosuil en voor Alexander aan de kerk van Oosterweel.

Verliezers zijn er echter ook. Maar die zijn stil. Hoe zou het met de werkloze rechters van de Raad van State zijn? De Antwerpse actiegroepen lieten hun klacht over Oosterweel immers vallen. Er zijn echter nog voldoende andere dossiers over wereldvreemde beslissingen waarin ze hun tanden kunnen zetten. Geen paniek. De Raad van State kan nog even verder. Aan hen om te bewijzen dat de rechters dan wel de beslissingen die ze moeten onderzoeken wereldvreemd zijn.

De grootste verliezer is zeer stil. Het Oosterweel precedent is immers de definitieve doodsteek voor het oude model van politieke besluitvorming dat nu definitief achterhaald is. In een snel veranderende wereld waar verandering, transformatie en disruptie dagelijkse kost zijn mogen parlementairen en politici tijdens de legislatuur het mandaat van de kiezer niet blijven misbruiken om beslissingen top down door te drukken. We hebben de Codes Buysse en Lippens voor deugdelijk bestuur maar we hebben behoefte aan een Code D’Hooge voor deugdelijk politiek bestuur. Stakeholder management hoort er definitief bij, alle belanghebbenden moeten gehoord worden en erbij betrokken worden. Bottom up. Door samenwerking met alle betrokkenen komt besluitvorming en echte vooruitgang tot stand. Onze samenleving heeft geen polarisatie en populisme nodig. Gewoon luisteren naar iedereen met het juiste oog op de toekomst.

(Deze bijdrage verscheen lichtjes gewijzigd en onder een andere titel op 16 maart 2017 in de opiniepagina van De Tijd)

Over Modern Times, Chez Bobonne en la Mort Subite

Na een drukke werkdag in Brussel zit ik hier in “A La Mort Subite” met een Mort Subite om een tweede mort subite in de vrijdagfiles naar Antwerpen te vermijden.

mort_subite_04

Het was ooit anders.

Eind van de jaren tachtig sleurden de Digital anciens hun jonge collega’s elke vrijdagavond mee naar Bobonne in Café au Dépannage op de Haachtsesteenweg in Evere. Bij Bobonne hing weliswaar een oranje betaaltelefoon van den RTT (de voorganger van Belgacom en Proximus voor mijn jonge vrienden en vriendinnen) maar je kon niet interzonaal bellen. Een goed excuus om wat te blijven hangen en de wederhelften -op een legitieme wijze- niet te kunnen informeren. GSMs waren er nog niet. Elke vrijdagavond donderde het toen in Antwerpen.

Zojuist heb ik met mijn smartphone via WhatsApp (incl. locatie) de achterban op de hoogte gebracht dat ik in Brussel de kroeg ben ingedoken in afwachting dat de files verdwenen zijn. Nog nooit zoveel emoticons met hartjes en kusjes achter elkaar gezien …. Als ik seffens thuis kom in het Antwerpse schijnt de zon!

Ik moet plots aan “Modern Times” met Charlie Chaplin denken. Zijn na dertig jaar de vrouwen of de wereld veranderd? Eén dag na vrouwendag blijf ik liever het antwoord schuldig maar ik ben technologie eeuwig dankbaar.

Ik ga hier vertrekken, de kroeg zit nog vol maar de files zijn weg … Bobonne is intussen overleden maar ze zou het me niet kwalijk genomen hebben.

De Steve Stevaert Oneliner Award gaat deze week naar … Jean-Marie Dedecker

Mij interesseert het niet wat de mensen op hun hoofd zetten, maar wat erin zit” of “Alles wat goed is voor de mensen is socialistisch, daarom is het socialisme goed voor de mensen“. Allemaal oneliners uit de mond van Steve Stevaert. Ze werden weliswaar traag uitgesproken maar ze namen steeds minder dan 140 karakters in beslag.

Steve was kampioen in het verzamelen van mandaten maar in het Twitter tijdperk zou Steve een kampioen zijn in het verzamelen van twittertegels. De jongens van De Ideale Wereld zouden in Steve dé soulmate gevonden hebben om hun twittertegelwand te promoten. Of misschien hadden ze bij vier Steve wel als goedbetaalde adviseur binnengehaald om een aantal dagen per week zijn “Steve Stevaert Oneliner Award“, kortweg de Steve SOA, persoonlijk te komen uitreiken.

Ik had het gezicht van Steve willen zien wanneer Otto-Jan Ham cool aankondigde dat de Steve SOA deze week gaat naar … Jean-Marie Dedecker voor zijn “Onze water- gas- en elektriciteitsfacturen zijn verdoken belastingbrieven” oneliner in Knack. Steve en Jean-Marie konden nooit door één deur maar kunnen blijkbaar wel samen op één tegel. Is dat dan de ideale wereld?

 

TL;DR – de online “kom ter zake” kreet

“TL;DR met een smiley” zette ik spontaan onder de LinkedIn publicatie van een zeer intelligente, competente en gedreven oud-medewerker. Ik heb nooit andere collega’s gehad trouwens.

“Too long, didn’t read” moet mensen erop attent maken dat 140 karakters inderdaad te kort zijn om on line ter zake te komen maar dat opinies korter, krachtiger en sneller dienen gebracht te worden.

Maar de verleiding is soms groot. Mensen spenderen jaren aan het uitschrijven van al hun ervaringen in een boek en willen dan plotseling zoveel mogelijk informatie uit hun boek zo snel mogelijk online zetten. Ipv de komende jaren regelmatig social media te gebruiken om -via een kort en krachtig verhaal- de aandacht op hun boek te trekken.

Ik schrijf geen boeken meer, mijn verhaal staat al on line:

screen-shot-2017-02-24-at-21-09-53

Bij gebrek aan boek vertelde ik het verhaal twee weken geleden aan een jonge Chinese manager die vond dat ik te oud was om hem te helpen bij de uitbouw van zijn organisatie in Europa. Zijn oogjes flikkerden.

Vanaf nu kan je mijn blogstukjes dus op één scherm lezen. Geen TL;DR excuus.

Aan de vooravond van 2017

De Warmste Week is alweer achter de rug. Bijna 8.000.000 euro opgehaald voor meer dan duizend goede doelen. Mensen kunnen duidelijk samen door één deur zolang de media maar een beetje helpen. We leven immers in een mediacratie, een media-democratie, een regering door de media. Dan lukt plots alles.

Het Warmste Jaar komt er alweer aan. Een jaar vol gijzelingen waarvan de media dagelijks zullen smullen om de verschillen en geschillen uit te vergroten:

  • IS die de wereld zal gijzelen met het islam geloof
  • Trump die de Amerikanen zal gijzelen met zijn verworven macht
  • Europese landen die elkaar zullen gijzelen rond de Europese Unie
  • CD&V die een Belgische regering zal gijzelen rond het Arco dossier
  • Oppositie die een Vlaamse regering zal gijzelen rond een warme samenleving
  • Royal Antwerp FC die haar supporters zal gijzelen rond een beloofde promotie

Kortom, 51 weken aan een stuk zullen we weer kunnen genieten van onze overgemediatiseerde, gepolariseerde en verzuilde samenleving waarin besluitvorming en daadkracht zo goed als onmogelijk geworden zijn.

Maar rond Kerst 2017 zal alles plots weer een weekje beter worden met

  • De Warmste Week van Studio Brussel die meer dan 10.000.000 euro zal samenbrengen
  • De Kerstboodschap van Koning Filip die weer zal zeggen dat de warme maatschappij binnen handbereik ligt
  • De eindejaarsconference van Michael Van Peel, de echte premier van Vlaanderen die weer 2017 Overleeft

Ik kijk alvast uit naar de volgende 52 weken mediacratie; geregeerd worden door een partij die in 2018 (lokaal) en 2019 (nationaal) nochtans op geen enkel stemformulier zal prijken.

Toch wil ik in 2017 niet aan de zijlijn blijven staan of teksten schrijven die niemand leest. Op 11 juli deed ik een warme oproep aan de Vlaamse regering om werk te maken van Smart Flanders, een keiharde en georchestreerde samenwerking rond één Vlaams socio-economisch project dat kan zorgen voor de welvaart en het welzijn van alle Vlaamse burgers. De Visienota 2050 is intussen in het Engels vertaald (omwille van een bezoek aan US. Sic) maar het blijft nog steeds wachten op de vertaling van die visie in een operationeel plan voor de komende jaren. Dit mag echter geen mission impossible worden.

Misschien Studio Brussel eens bellen. Naast die ene Warmste Week is die zender immers 51 weken beschikbaar om alle niet-politici te mobiliseren rond Smart Flanders en zo van het “Arm Vlaanderen” van onze grootouders het “Warm Vlaanderen” voor onze kleinkinderen te maken. “Denken, durven, doen” maar dan zonder (verzuilde) politici. Dat zou pas een burgerbeweging zijn.

Beste wensen voor een warm en slim Vlaanderen in 2017.

iMinds is #ICTWoordVanHetJaar2016

Ooit stonden juristen en economisten aan het hoofd van dit land maar nu historici de plak zwaaien mogen we terug in de tijd gaan om de toekomst te begrijpen. Eind van deze maand wordt de nieuwe convenant (de beheersovereenkomst voor de komende 5 jaren, nvdr) van imec naar alle waarschijnlijkheid zonder enige parlementaire vraag op een drafje goedgekeurd door de Vlaamse regering. Iedereen wil immers kerst gaan vieren en in aanloop naar een parlementair reces stijgt de besluitvaardigheid van ons politiek apparaat. Voogdijminister is Philippe Muyters, de minister van Werk, Economie, Innovatie en Sport. Wie de penhouder is voor deze levensbelangrijke convenant weet ik niet. Een sportieve economist? Een innoverende werker? Ik weet het niet.

Aan Bruno Beerschot, met dank voor je steun in moeilijke tijden. Je stijl en respect voor integriteit en ethiek inspireert” schreef penhouder Theo Dilissen op 23 april 2003 als persoonlijk woordje op de eerste pagina van zijn boekje “Kennis Maken”. Als topman van Real Software (en Manager van het Jaar 2001) maakte hij een scherpe analyse van het toenmalige economische weefsel. De ondertitel “Van kennen naar kunnen: kritische kanttekeningen bij de NV Vlaanderen” reflecteerde de ambitie van deze voormalige topsporter. In afwachting van de verkoop van Real Software aan Gores had de man immers zijn oog laten vallen op de ministerpost Economie, Wetenschap en Innovatie in de paarse regering. Zijn boekje was een aanloop om alle intelligentia in Vlaanderen in beweging te krijgen. En liefst in de richting van Minister Dilissen.

SM (social media!) rector Torfs was nog geen hoofdtwitteraar van KU Leuven maar zijn voorganger Prof. Dr. André Oosterlinck schreef het voorwoord in “Kennis Maken”. “Om een succesvolle dynamiek van de kenniseconomie op gang te brengen, hebben we nog een lange en niet altijd evidente weg af te leggen. Dit boek geeft een aantal onmisbare wegwijzers aan. De belangrijkste is wellicht de noodzaak van de opmars van de kenniseconomie. Nog niet iedereen is daar blijkbaar van overtuigd. Na de lezing van dit boek zal dat anders zijn”. Dat de Leuvense rector het voorwoord schreef was geen toeval. Als oudste universiteit van het land kan je beter zo snel mogelijk zoete broodjes bakken met een nieuwe minister.

Natuurlijk schreef Theo zijn boekje niet alleen. Zijn eerste verkiezingspamflet werd gesponsord door ISS, Solvus, Microsoft, HP, Baker & McKenzie, Oracle en Business Objects. De penhouder (of ghostwriter) was Erik Durnez die op 80 paginas het prachtige en krachtige verhaal van Theo op een zeer verhelderende wijze toelichtte. Het boek las inderdaad als een trein en sierde in daadkracht. “Kleefkracht zeven” was het laatste hoofdstuk. Daarin werden zeven punten meegegeven om de kleefkracht van Vlaanderen te vergroten en zo de kenniseconomie daadwerkelijk in te bedden in onze regio. Nu de nieuwe imec convenant in de maak is krijgt de afsluitende paragraaf van “Kennis Maken” plots een historische betekenis. “Ten zevende. Een intelligente sturing door de overheid is aangewezen. Twintig jaar na Flanders Technology moeten we de volgende sprong wagen. We hebben behoefte aan een IMEC in andere vakgebieden. Van DIRV naar DURF. Van kennen naar kunnen. Wie start met Flanders Knowhow? Waar blijft de Kennisrevolutie in Vlaanderen?

Theo is geen minister geworden. De man kwam uit Antwerpen en paars werd aangestuurd vanuit Hasselt, Gent en Oostende. Antwerpen was in die tijd de parking. Fientje Moerman verstond het dialect van Guy Verhofstadt en zij werd de nieuwe Minister van Economie, Innovatie en Werk. Maar de voormalige spelverdeler van de nationale basketbalploeg had ooit wat bijlesjes gegeven aan de keizer van Oostende en werd daarvoor bedankt met het voorzitterschap van Belgacom. Tja, Bellens was het vriendje van Di Rupo en rood had toen aardig wat te zeggen in de Brusselse Telefoon Torens.

Flanders Knowhow is er gekomen in 2005. De penhouder en stille kracht hierachter was Prof. Dr. Paul Lagasse van UGent en toen voorzitter van het IWT. Het kwam op de wereld als IBBT. Niet het Initiatief voor Beter Beeld op Televisie maar het Interdisciplinair Instituut voor Breedband Technologie. We hadden eindelijk een onafhankelijke onderzoeksinstelling die in opdracht van de Vlaamse overheid innovatie binnen ICT stimuleert en daardoor een blijvende en positieve impact creëert op de maatschappij. Vraaggedreven, interdisciplinair onderzoek in samenwerking met technologie leveranciers en gebruikers, excellente research in maatschappelijk relevante domeinen, stimuleren van ondernemerschap en het uitbouwen van een breed (inter)nationaal ecosysteem voor ICT innovatie. IBBT bewees hier op korte tijd dat software –en niet hardware- de échte kracht van verandering en innovatie is. Het feit dat de grootste bedrijven ter wereld (Google, Facebook, Microsoft, Amazon) software bedrijven zijn is het bewijs van deze stelling. Apple is volgens velen hardware maar Steve Jobs himself positioneerde Apple steeds als software in de mooiste (hardware) verpakking.

Met IBBT werd maar één fout gemaakt; de naam. Leg maar eens uit waar IBBT voor staat, je krijgt het zelfs niet uitgesproken in de taal van Obama. Te lang hebben we gewacht met de rebranding naar iMinds. Want iMinds zegt het allemaal. In Vlaanderen zit de grondstof immers tussen 1,5 en 2,0 meter boven de grond. En dat is de enigste grondstof die we hebben. iMinds moet de katalysator zijn en blijven voor de uitbouw van de kenniseconomie in Vlaanderen. Daarom roep ik in deze laatste column iMinds uit tot #ICTWoordVanHetJaar2016. Omdat het aangeeft waar Vlaanderen voor moet gaan en staan.

De penhouders voor de nieuwe imec convenant dragen een zware verantwoordelijkheid. Het samengaan van imec en iMinds mag geen snelle overname worden maar moet een nieuw strategisch onderzoekscentrum (SOC) worden; een (h)echte NewSoc, op basis van een ‘best-of-both-worlds’ principe. Ik wou dat Theo er nog was. Dan kon hij de voogdijminister uitleggen dat wanneer een voetbalploeg een basketbalploeg overneemt er niet noodzakelijk een betere sportvereniging ontstaat. Nieuwe hardware heeft steeds nieuwe software nodig, nieuwe software zorgt voor (business model) innovatie maar heeft niet noodzakelijk nieuwe hardware nodig. Het Vlaams economisch weefsel en vele global innovators zijn ook klanten van de NewSoc, niet alleen een paar hardware multinationals. Kan het Vlaams parlement hieromtrent deze week een paar vragen stellen? Wordt het “imec, powered by iMinds” of “iMinds, with imec inside”? Graag een keuze, geen compromis. Lokale software ondernemers hebben hun voorkeur, globale hardware multinationals ook. Maar de Vlaamse belastingsbetaler beslist. Over naar het Vlaams parlement dus.

Bruno Segers
Voorzitter Flanders Investment & Trade
ICT oudstrijder (Digital, Oracle, Lotus, IBM, Microsoft, RealDolmen, IrisPact)

(Deze bijdrage verscheen lichtjes gewijzigd en onder een lichtjes gewijzigde titel op 16 december 2016 in de maandelijkse “bruno blogt” rubriek van datanews magazine)

Digitale koterijen

De Datanews CIO of the Year is intussen bekend en de jury heeft het nogmaals overleefd. Wat 20 jaar geleden startte als een “ICT manager van het jaar” projectje is sinds enkele jaren uitgegroeid tot een prestigieuze “CIO of the Year” happening met alles erop en eraan. Alleen “Onderneming van het Jaar” en “Manager van het Jaar” doen het beter dan deze hoogmis van de ICT sector.

Tijd om even achter de schermen te kijken en uit de biecht te klappen. De kroon ontbloten is schering en inslag in dit land maar een Datanews jurylid moest destijds in de handen van hoofdredacteur Baudouin Elleboudt, reserve-kolonel bij de Gidsen, zweren op het hoofd van zijn vrouw en kinderen dat hij alle jurygeheimen zou meenemen in zijn graf. Inderdaad, het waren toen allemaal mannelijke juryleden. Er is blijkbaar nog niet veel veranderd want de CIO of the Year is alweer een man. Ondanks petities, betogingen en zelfs dreigbrieven van de #straffemadammen heeft de Datanews redactie het toch gewaagd aan de jury een shortlist van vijf mannen voor te leggen. Baudouin zou trots geweest zijn op zijn troepen vandaag.

Baudouin is ons inderdaad veel te vroeg ontvallen en bij vele juryleden komen de lippen dus geleidelijk los ondanks de dure eed die gezworen werd. Bij velen zijn de kinderen echter het huis uit en sommigen zijn reeds aan hun tweede of derde vrouw. Datanews was toen in handen van de Nederlandse VNU maar voor de catering van de jury zorgde Baudouin persoonlijk. Karnemelk en brood zijn immers niet de juiste brandstof voor de hersenen. Jureren voor de ICT Manager van het Jaar was eerder een Michelin of Gault Millau proeverij dan een evaluatie van een ICT rolmodel. Elk jurylid denkt met weemoed terug aan de villa –met zwembad- in de Hulstlaan waar de Datanews redactie destijds gevestigd was. Wat een wijnkelder, wat een cognacbar! Legendarisch was de uitspraak van een befaamde prof die voorstelde per vogelpik te beslissen toen twee kandidaten exact hetzelfde aantal punten van de jury hadden gekregen.

Het was de spreekwoordelijke druppel. De zakelijke Nederlanders konden deze bacchanalen niet meer aan en verkochten de Datanews parel aan Roularta. Onmiddellijk werd alles professioneler. De “ICT manager van het Jaar” werd uitgebouwd tot “CIO of the Year”; voor de schermen moest alles glamour en glitter worden want de macht was aan de media. Achter de schermen werd het echter allemaal wat minder. Geen jurering in de villa meer maar in het zakelijke Roularta gebouw aan de Nato. De Dom Pérignon werd plots een cider, de foie gras een broodje en de wijn werd water. Juist het potlood en een stapel ponskaarten voor de juryleden werden behouden. Begrippen als cost-of-ownership en business alignment deden hun intrede, later kwam er zelfs elevator pitch, lean & mean en burnrate bij. De eerste generatie van juryleden gingen met honger –en dorst- van tafel en met hen verdwenen ook de laatste bits en bytes. ICT is intussen mainstream geworden en velen willen de “CIO of the Year” reeds upgraden tot “CDO of the Year”.

Voor mij echter geen Chief Digital Officer maar een Chief Disruption Officer. Omdat ik digitaal al lang geen bijvoeglijk naamwoord meer vind. #WeAreDigital en digitaal moet een zelfstandig naamwoord én een werkwoord worden. Een werkwoord voor iedereen. Want de digitale (!) kloof is er nog steeds. Vroeger ging het over hebben of niet hebben. Over het hebben van een personal computer, over het hebben van internet toegang etc … Vandaag gaat het over kennis en gebruik. Terwijl onze kinderen nooit iets anders hebben gekend dan een digitale televisie en een digitale telefoon zijn er nog steeds velen die meer focusen op het verleden dan op de toekomst of die onvoldoende bewust zijn van –of interesse hebben in- de impact van technologie. Het zijn deze mensen die digitaal nog steeds als een bijvoeglijk naamwoord gebruiken en geloven dat de nieuwe wereld een digitale kopij zal zijn van de oude wereld.

Daarom nomineer ik –na digibesitas, chineren, digipolist, selvie, hinssiaan, twinking en crowdf**cking- deze maand digitale koterij als kandidaat #ICTWoordVanHetJaar. Digitale koterij ontstaat wanneer we bestaande processen digitaliseren zonder enige zin voor vernieuwing en verandering. Het dokters- en medicatiebriefje had al lang kunnen afgeschaft worden maar ik vrees dat het ene zwarte tekst op een groen en het andere zwarte tekst op een wit scherm zal worden. Laat technologie het werk doen. “Eliminate the middleman” belooft blockchain. Maar hier in België is het traditionele middenveld alweer onderweg met het bouwen van digitale koterij. We misten de eID en de e-commerce trein. Gaan we de blockchain speedboot ook missen?

Ter afsluiting. Dit jaar is een vrijkaartje voldoende maar kunnen volgend jaar de heren en de dames van de Jury naast de CIO of the Year en het ICT Project of the Year ook een winnend ICT Woord van het Jaar selecteren? Altijd goed voor mijn clickrates. Ik zal alvast de broodjes van de jury betalen.

Bruno Segers
Voorzitter Flanders Investment & Trade
ICT oudstrijder (Digital, Oracle, Lotus, IBM, Microsoft, RealDolmen, IrisPact)

(Deze bijdrage verscheen lichtjes gewijzigd maar onder dezelfde titel op 18 november 2016 in de maandelijkse “bruno blogt” rubriek van datanews magazine)